ROK-0488

Id-4e5cec8e-1439-ea11-a2e4-00155d641200
(1.9) Belastingen op draaipunten-TAW Leidraad (2003)
ROK(13 C)



Eistekst

(1.9) Belastingen op draaipunten
In de berekening van de draaipunten van punt- en draaideuren moet meegenomen worden dat tussen het boven en het onderdraaipunt - als gevolg van de draaibeweging - een verticale belasting zich kan opbouwen ter grootte van:
• 0,3 van de horizontale reactie voor draailagers van het type metaal-metaal;
• 0,1 van de horizontale reactie voor draailagers van het type metaal-kunststof.

Deze belasting kan beiderzijds optreden, d.w.z. zij kan de draaipunten uit elkaar duwen of naar elkaar trekken.

Daarnaast moet bij de taats rekening worden gehouden met een extra horizontale kracht; de zogenaamde ‘taatsschuifkracht' (H2) volgens figuur F0488.

De taatsschuifkracht (H2) ontstaat als gevolg van wrijving op het kopvlak van de taats, wanneer de verticale belasting (V) excentrisch aangrijpt (in figuur F0488 op punt S). Bij de verdraaiing (M) zal door horizontale verschuiving van de verticale belasting bij S een extra kracht worden opgebouwd bij punt A, ter grootte van de verticale belasting (V) x de statische wrijvingscoëfficiënt van de betreffende materiaalcombinatie.

In ontwerpberekeningen van het draaipunt moet worden aangenomen dat deze taatsschuifkracht bij elke beweging optreedt en altijd ongunstig van richting is.
De resulterende horizontale kracht op de taats is dan een lineaire optelling van H2 en H1, waarbij H1 de horizontale kracht door het deurgewicht is.

Toelichting

Afbeeldingen

Invloed taatsschuifkracht
Fff7b8c5-1439-ea11-a2e4-00155d641200.jpg

Bovenliggende eisen



Extra informatie


Links

Paragraaf ROKBelastingen op draaipunten-TAW Leidraad (2003)
Brondocument
TAW Leidraad Kunstwerken mei 2003, Technische Adviescommissie voor de Waterkeringen
Objecttype
Nat kunstwerk
Thema
Waterbouw
Periode
Ontwerpfase

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 17 aug 2021 om 10:08.